Zijn bananen dikmakers?

bananen, 6347612_s gratisGepubliceerd 2 juni 2015
Wanneer ik mijn dochter vraag wat voor fruit ze graag mee wil naar school, kiest ze heel vaak een banaan. Dit is blijkbaar haar meest favoriete stuk fruit. En eigenlijk ben ik er zelf ook wel dol op. Daarom kan ik me ook niet zo goed voorstellen, dat er mensen zijn die geen banaan lusten. Maar ze bestaan. Er zijn ook mensen die er allergisch voor zijn en mensen die wel banaan lusten maar ‘m weigeren te eten, omdat ze vinden dat er teveel calorieën in zitten en de banaan dus niet goed voor de lijn is. En dat is jammer, want een banaan is een zeer interessant voedingsmiddel en heeft voordelige eigenschappen die niet altijd bekend zijn bij de consument. Wist jij bijvoorbeeld dat de banaan na rijst, maïs en tarwe het belangrijkste voedingsgewas ter wereld is?

Welke voedingsstoffen kent de banaan?

In vergelijking met ander fruit bevatten bananen weinig vitamine C, maar wel veel voedingsvezels, kalium en zetmeel.
De aanwezigheid van de vrij grote hoeveelheden kalium (440 mg/100g) is voordelig voor het regelen van de bloeddruk. Zoals bekend doet natrium (zout) in de meeste gevallen de bloeddruk stijgen, kalium heeft het omgekeerde effect.
Ook helpen bananen om een slecht humeur door premenstrueel syndroom (PMS) te verbeteren. Bananen zorgen er namelijk voor dat de bloedsuikerspiegel gelijkmatig blijft waardoor stemmingswisselingen af zullen nemen. Kortom, allemaal voordelen om regelmatig dit fruit te eten!

Zetmeel

Het hoge gehalte aan zetmeel brengt met zich mee dat bananen als calorierijk worden beschouwd. Dit moet worden genuanceerd. De calorie-inhoud van een banaan is ongeveer 80 tot 100 kcal/100g en, als je weet dat een banaan tussen de 100 à 200 gram weegt, kun je snel berekenen dat een banaan dus ongeveer 80 tot 200 calorieën bevat. Het zetmeel in bananen is van vrij speciale aard: het kan namelijk (vooral als de banaan jong en halfrijp is) moeilijk worden afgebroken in de maag en in de dunne darm en komt praktisch onaangetast in de dikke darm terecht. Men spreekt dan van ‘resistent zetmeel’.

Dit resistent zetmeel wordt in de dikke darm verder afgebroken door de daar aanwezige bacteriën en geeft aanleiding tot korteketenvetzuren, die een antikankereffect hebben, met name ten aanzien van darmkanker. De verzuring van de dikke darm heeft ook tot gevolg dat de mineralen (bijvoorbeeld calcium) en sporenelementen beter worden opgenomen en dat de eiwitafbraak wordt afgeremd, zodat minder ammoniak en andere kwalijk ruikende stoffen met betrekking tot de darm worden gevormd.

Overigens zijn onrijpe bananen ook op andere vlakken nog zo slecht niet. In sommige tropische landen eet men onrijpe bananen als medicijn voor darmklachten, vooral bij diarree bij kinderen. Veel rauwe bananen bevatten de stof leucocyanidine, een favonoïde dat de groei van slijmvliescellen stimuleert en zo maag en darmen beschermt tegen onder meer maagzweren en letsels die het gevolg zijn van bepaalde geneesmiddelen, bijvoorbeeld aspirine.

Meer calorieën in rijpe bananen

Naarmate een banaan rijper wordt neemt de hoeveelheid vrije suiker toe en de hoeveelheid ‘resistent zetmeel’ af. Het suikergehalte kan daarbij stijgen van 1 tot meer dan 20%, het overgrote gedeelte hiervan is sucrose (65%), gevolgd door glucose (20%) en fructose (15%).

Een rijpe banaan is dus veel calorierijker dan een groene of halfrijpe banaan. Sporters of mensen die zware inspanningen leveren zijn dus beter af met rijpe dan met half-rijpe bananen.

Slaapstoornissen

Een andere positieve eigenschap van bananen is dat ze kleine hoeveelheden van het hormoon melatonine bevatten. Melatonine is een hormoon dat door de hersenen (de epifyse) wordt afgescheiden en onze biologische klok (waak-slaapritme) regelt. Naarmate we ouder worden daalt onze productie van melatonine met als gevolg dat het slaapritme kan worden verstoord. De Amerikaanse onderzoeker en wereldexpert op dat vlak, dr. Russel J. Reiter, raadt aan om een ‘melatonine-vriendelijke’ levenswijze erop na te houden. Zo stelt hij voor om ’s avonds levensmiddelen te consumeren die melatonine bevatten. Dit zijn haver, maïs, kersen, tomaten, maar ook bananen. Mensen met slaapstoornissen kunnen dus eens proberen om als avondmaal een in stukjes gesneden banaan te eten samen met een bord (havermout)pap.

Allergie

Het is echter niet allemaal koek en ei met bananen. In een aantal zeldzame gevallen kunnen mensen allergisch reageren op de consumptie van bananen (men schat 1 à 2 personen op duizend). De oorzaak kan tweeërlei zijn.

In een aantal gevallen is de allergische reactie te wijten aan de aanwezigheid van een reeks biogene aminen (o.a. tyramine) die voorkomen in bananen. Een verhoging van de bloeddruk kan ontstaan door samentrekking van de bloedvaten doordat de biogene aminen niet snel genoeg worden afgebroken in het lichaam. Indien je dit effect merkt, raadpleeg dan uiteraard jouw arts.

Een andere reden kan zijn de aanwezigheid van specifeke eiwitten in bananen die ook voorkomen in latex (natuurrubber). Vandaar dat men in een aantal gevallen vaststelt dat mensen, die allergisch zijn voor natuurrubber, ook allergisch reageren wanneer zij bananen eten. Men spreekt in dit geval van een kruisallergie, een fenomeen dat veel voorkomt in de natuur.

Kleur en Geur

Bananen zijn erg kwetsbaar. Je hoeft de banaan alleen maar ergens tegen aan te stoten, en je hebt al een beurse plek! Bananen worden ook heel snel overrijp. Als je een groene banaan koopt, is de kleur van de schil in een dag verkleurd van groen naar geel. Na een paar dagen verkleurt de schil van geel naar geel met bruine vlekken. En weer een paar dagen later is je banaan helemaal bruin geworden.
Ethyleen is een gas dat gemaakt wordt door fruit. Dit gas is een signaal voor fruit om te beginnen met rijpen. Wil je het rijpingsproces van je bananen vertragen? Houd dan ander fruit weg van de bananen. Fruit gaat namelijk niet alleen rijpen van zijn eigen gemaakte ethyleengas, maar ook door dat van ander fruit. Wil je dat je bananen sneller rijpen? Dan is juist wel goed om bananen samen met ander rijp fruit te bewaren.
Het bruin verkleuren van bananen is géén rottingsproces maar een natuurlijke enzymatische reactie. Hierbij ontstaan geen schadelijke producten. Het bruin is zelfs nog eetbaar.

De specifieke geur van bananen wordt veroorzaakt door praktisch één stof namelijk isopentylacetaat, die men synthetisch gemakkelijk kan namaken en gebruiken als aroma- en smaakcomponent. Een chocoladevulling ‘met bananen’ heeft dus vrijwel niets te maken met bananen zelf.

Hoe kun je bananen bewaren?

Altijd gedacht dat je bananen niet in de koelkast mag bewaren? Het mag wel! De kou in de koelkast voorkomt dat bananen verder gaan rijpen. Zodra je de banaan weer uit de koelkast haalt, dan gaat het rijpingsproces gewoon verder!
Bewaar alleen rijpe bananen in de koelkast. Onrijpe bananen zullen in de koelkast niet verder rijpen. Eenmaal weer uit de koelkast zullen de onrijpe bananen nooit echt lekker zoet worden.

Bruine schil
Bananen in de koelkast veroorzaken een bruine schil. Dit maakt echter niet uit, want alleen de schil wordt bruin! De banaan zelf blijf zijn mooie kleur behouden.

Kunnen bananen in de diepvries?
Bananen kunnen goed ingevroren worden. Snij de bananen in makkelijke plakjes en leg ze op een bakpapier. Leg het bakpapier met de bananenplakjes op een plankje en leg ze in de diepvries. Na een uur vriezen, kun je de bananenplakjes in een zakje doen en verder laten vriezen. Op deze manier zullen de plakjes banaan niet aan elkaar vast vriezen.

Tip voor in de winkel

Sta je in de winkel en ben je van plan om bananen te kopen? Koop dan nooit bananen die al bruine plekken hebben. Deze bananen zijn al overrijp. Bananen bewaren die al overrijp zijn, wordt moeilijk!

Koop bananen van verschillende trossen
Het beste is om bananen van verschillende trossen te kopen. Elke banaan van een andere tros, heeft namelijk een andere rijpingstijd. Op deze manier heb je bananen die je direct kunt eten en bananen om te bewaren.

Bron: Trophé, Dr. ir. Eric De Maerteleire

Biologisch voedsel: gezonder en veiliger?

eu_organic_rgb_0.mini0Gepubliceerd 26 mei 2015
Soms spreek ik mensen die helemaal niks van biologisch eten willen weten. Zij zien het nut er niet van in, vinden het maar een gedoe om hiervoor naar speciale winkels toe te moeten en zij vinden deze producten vooral te duur. Anderen daarentegen zweren er juist bij en zijn van mening dat biologisch voedsel geen enkele bestrijdingsmiddelen en E-nummers bevatten en veel gezonder voor je zijn. Is dat waar? Hoe zit het nu eigenlijk precies met biologisch eten? Wat betekent biologisch? En zijn biologische producten extra gezond?

Beschermde term

Biologisch eten is al lang niet meer iets waarvoor je naar speciale winkels toe moet. Tegenwoordig kun je gewoon in de supermarkt terecht voor biovlees, ‘organic’ groenten en eco-eitjes. Vaak zijn biologische producten wat duurder, maar desondanks worden ze steeds populairder. Wat betekent biologisch eigenlijk precies? ‘Biologisch’ is een beschermde term. Producenten mogen dit alleen op het etiket zetten als etenswaren aan bepaalde eisen voldoen. In Nederland controleert het onafhankelijke instituut Skal streng of producten wel echt biologisch zijn. In andere landen doen vergelijkbare organisaties dat.

Verplicht Europees keurmerk

Op alle verpakte, biologische producten die in de Europese Unie geproduceerd zijn, staat sinds 1 juli 2012 verplicht het Europees biologisch keurmerk. Dat is een logo in de vorm van een blaadje dat uit 12 sterren bestaat. Het kan een groen blaadje zijn, maar het wordt ook wel in zwart of wit afgedrukt. Op onverpakte biologische producten is dit logo niet verplicht.

Ook als op een product het woord biologisch, organic, bio, eko, eco staat, moet het voldoen aan de voorwaarden die aan biologische voeding gesteld worden. Kortom: zie je één van deze woorden of het Europees biologisch keurmerk? Dan koop je iets dat gegarandeerd biologisch is.

Andere logo’s

Tijdens het boodschappen doen, stuit je op nog veel meer keurmerken. Dat kan aardig verwarrend zijn. Naast het blaadje met de sterren zijn er nog twee logo’s die voor biologisch staan: EKO en Demeter.

Het EKO-logo betekent dat producten biologisch zijn én afkomstig zijn van een ondernemer die nog duurzamer werkt dan volgens de Europese regelgeving noodzakelijk is voor biologische voeding. Het Demeter-keurmerk wil zeggen dat producten biologisch-dynamisch zijn: ze zijn niet alleen biologisch, maar voldoen aan extra eisen, waaronder op het gebied van dierenwelzijn.

Naast het Europees biologisch keurmerk zie je wel eens een logo van regionale of nationale keurmerken. Bijvoorbeeld het Franse agriculture biologique, biogarantie uit België of het Duitse Bio-Siegel.

Overige logo’s kunnen ook iets vertellen over de mate waarin er rekening is gehouden met duurzaamheid, dierenwelzijn of eerlijke handel. Denk maar aan het Beter Leven Kenmerk, Milieukeur, UTZ Certified, Fair trade of Max Havelaar. Deze keurmerken garanderen echter niet dat het product biologisch is.

Kenmerken biologisch eten

Wat wil de term ‘biologisch’ nu eigenlijk zeggen? Bij het maken van biologische etenswaren houden producenten zoveel mogelijk rekening met het milieu en het welzijn van dieren. Wat dat precies betekent, is vastgelegd in wet- en regelgeving.

Veeteelt

Voor de veeteelt houdt biologisch bijvoorbeeld in dat dieren meer ruimte hebben, voornamelijk biologisch voer eten, altijd naar buiten kunnen als het weer dat toelaat en langer mogen blijven leven. Ze krijgen meer de mogelijkheid om zich te gedragen zoals ze dat in de natuur zouden doen dan in de traditionele veehouderij. Zo staan koeien in de zomer in de wei en leven ze in kleinere groepen. Legkippen krijgen strooisel om in te scharrelen en hun snavelpunt wordt niet afgekapt. Varkens behouden hun krulstaart en mogen wroeten in de aarde. Bovendien krijgt vee alleen antibiotica als het ziek is, niet preventief.

Landbouw

In de biologische landbouw zijn chemische bestrijdingsmiddelen en kunstmest verboden. Boeren gebruiken alleen natuurlijke bestrijdingsmiddelen. Ze zetten daarnaast natuurlijke vijanden, zoals de sluipwesp, in tegen schadelijke insecten en ziektes. Ze telen gewassen alleen in de bodem, niet op kunstmatige ondergrond. Genetische modificatie is niet toegestaan.

Om de grond vruchtbaar te houden en parasieten en plagen te voorkomen, wordt er vruchtwisseling toegepast. Dat wil zeggen dat er op een bepaalde plek niet jarenlang achter elkaar hetzelfde gewas mag groeien, maar dat ze het ene gewas afwisselen met het andere.

Melk, kaas en eieren

Biologische melk is afkomstig van koeien die grazen op weilanden waar geen gebruik is gemaakt van kunstmest en bestrijdingsmiddelen. Is het te koud om buiten te staan, dan verblijven ze in zogenaamde potstallen. Daarin is de vloer bestrooid met stro. Elke dag komt er een nieuwe laag stro bovenop de mest. Ze blijven langer leven dan ‘gewone’ koeien.

Biologische kaas is gemaakt van biologische melk en mag geen kleurstoffen bevatten. Biologische kaas is in de winter vaak wat bleker, omdat er minder caroteen in zit, dat koeien buiten via het voer binnenkrijgen.

Biologische eieren zijn de diervriendelijkste eitjes. Deze kippen krijgen de meeste ruimte, meer dan scharrelkippen.

Geen E-nummers in biologische producten?

Je zou verwachten dat er geen E-nummers in biologische producten zitten. Toch is dit niet waar. Hieronder tref je een lijst met toegestane E-nummers in biologische producten:
E170, calciumcarbonaat: gebruik beperkt tot textuur, antiklontermiddel en verdikkingsmiddel
E220, zwaveldioxide: wijn gemaakt van biologische druiven, totale hoeveelheid sulfiet tot 50% van de toegelaten dosis in gangbare wijn
E224, kaliummetabisulfiet: wijn gemaakt van biologische druiven, totale hoeveelheid sulfiet tot 50% van de toegelaten dosis in gangbare wijn
E270, melkzuur
E290, kooldioxide
E296, appelzuur
E300, l-ascorbinezuur
E306, tocoferolextract
E322, lecithinen
E330, citroenzuur
E333, calciumcitraten
E334, l(+)-wijnsteenzuur
E335, natriumtatraten
E336, kaliumtatraten
E341 (i), monocalciumfosfaat
E400, alginezuur
E401, natriumalginaat
E402, kaliumalginaat
E406, agar-agar
E407, carrageen
E410, johannesbroodpitmeel
E412, guarpitmeel, guargom
E413, tragacanth
E414, Arabische gom, acaciagom
E415, xanthaangom
E416, karayagom
E422, glycerol
E440(i), pectine
E500, natriumcarbonaten (baksoda)
E501, kaliumcarbonaten
E503, ammoniumcarbonaten
E504, magnesiumcarbonaten
E509, calciumchloride
E516, calciumsulfaat
E524, natriumhydroxide
E551, siliciumdioxide
E938, argon
E941, stikstof
E948, zuurstof
E1105, lysozym, gebruik beperkt tot conserveermiddel in kaas

Gezondheidseffecten

Sommige mensen kiezen voor biologisch eten, omdat ze ervan overtuigd zijn dat dit beter is voor je gezondheid. Dat is niet bewezen. Over het algemeen zijn biologische producten net zo gezond als niet-biologische producten. In sommige biologische producten zijn hogere gehaltes gemeten aan vitamine C, mineralen en bioactieve stoffen. Maar je lichaam heeft deze grotere hoeveelheden niet persé nodig, de gehaltes aan vitamine C, mineralen en bioactieve stoffen in de reguliere producten zijn voldoende. Ook zit er soms minder water in en kan de vetzuursamenstelling van melk anders zijn.
Het is echter niet aan te geven hoe groot de verschillen tussen biologische en gangbare producten precies zijn. De variatie tussen biologische producten is groot en dit hangt ook af van seizoen, regio en gebruikte rassen. Verder bepaalt niet een enkel product maar de samenstelling van alles wat gegeten en gedronken wordt hoe gezond je eet.

De voedingswaarde van een biologisch stukje vlees of een eco-eitje is in ieder geval ongeveer hetzelfde als dat van de niet-biologische versies.

Veiligheid

Over het algemeen zijn biologische producten net zo veilig als niet-biologische producten.
Op de volgende punten onderscheiden biologische producten zich positief ten opzichte van gangbare producten:

  1. Biologische groenten en fruit bevatten meestal minder resten van bestrijdingsmiddelen.
  2. Biologische groenten bevatten soms minder nitraat, mogelijk doordat ze beperkt worden bemest.
  3. De kans dat er te veel resten van diergeneesmiddelen in biologische melk- en vleesproducten zitten, is klein. Biologische boeren gebruiken minder structureel diergeneesmiddelen en wachten langer dan ‘gangbare’ boeren voordat een dier dat geneesmiddelen heeft gehad, wordt gemolken of geslacht, zodat een groter deel van het geneesmiddel uit het dier zal zijn verdwenen.
  4. Dieren uit de biologisch sector krijgen over het algemeen minder vaak antibiotica. De leefomstandigheden van het dier zijn erop gericht om de natuurlijke weerstand zoveel mogelijk te bevorderen.
  5. In de biologische landbouw kunnen dieren zich meer natuurlijk gedragen. Dat levert minder stress op en een betere natuurlijke weerstand. De dieren worden minder snel ziek en herstellen eerder bij infecties. Als dieren trager groeien en langer leven, kunnen ze over bepaalde infecties heen groeien, zoals een infectie met salmonella. Daarmee is het risico op salmonellabesmetting bij consumenten ook kleiner.

Op de volgende punten onderscheiden biologische producten zich negatief ten opzichte van gangbare producten:

  1. In de biologische veehouderij is er een grotere kans dat dieren besmet worden met bacteriën of parasieten. Biologisch gehouden dieren kunnen naar buiten en komen daardoor in contact met dieren in de omgeving. Daardoor lopen ze in theorie meer kans besmet te worden met bijvoorbeeld salmonella of een parasiet, zoals toxoplasma. Overigens geldt dit ook voor producten uit andere, gangbare houderijsystemen waar de dieren een uitloop hebben, zoals bij scharrel-met-uitloopeieren, graseieren en scharrelvlees.
  2. Vastgesteld is dat biologische eieren gemiddeld meer dioxine bevatten dan niet-biologische. Een mogelijke verklaring is dat biologische kippen met de grond die ze buiten oppikken meer dioxine binnenkrijgen. Het probleem speelt niet bij vleeskuikens. Die leven zo kort dat ze weinig dioxine opbouwen in hun vetweefsel.

Gangbaar en biologisch komen overeen op deze punten:

  1. In biologische granen worden geen hogere gehalten aan schimmelgifstoffen aangetroffen. Omdat de biologische landbouw geen chemische bestrijdingsmiddelen tegen schimmel gebruikt, wordt weleens verondersteld dat biologische granen meer schimmelgifstoffen kunnen bevatten dan gangbaar geteeld granen.
  2. Het is niet bekend of biologische producten meer of minder van de plantaardige gifstoffen fytotoxinen bevatten. Op dit moment gebruiken biologische boeren vaak nog dezelfde rassen als gangbare boeren. Het Louis Bolk Instituut is bezig rassen te ontwikkelen voor de biologische landbouw.

Voel je je beter door biologisch te eten?

Dit kan bij sommige mensen het geval zijn. Vaak koop je biologische producten ook voor het goede gevoel. De onderzoeken richten zich tot nu toe heel erg op de producten. Zijn bepaalde stoffen op te sporen, wat zijn de verschillen? Op dit moment wordt hier veel onderzoek naar gedaan. Voel je je beter als je biologisch eet? Had je klachten die verminderd zijn nadat je overstapte? Er zijn mensen die hun allergieën zagen verminderen of die zich fitter voelden. Bovendien geldt voor fans van biologisch misschien wel hetzelfde als voor vegetariërs. Vegetariërs blijken uit onderzoek vaak gezonder te eten dan vleeseters. Dit komt volgens sommige wetenschappers vooral omdat zij bewuster kopen, koken en eten. Daar heeft je lijf altijd wat aan.

Erwtensoep met munt en pancetta

IMG_7562Gepubliceerd: 23 mei 2015

Wat heerlijk: een lang weekend voor de boeg! Om dit weekend lekker gezond en energiek te beginnen tref je hier een heerlijk recept aan voor erwtensoep met munt en krokante stukjes pancetta. Bij erwtensoep denk je natuurlijk meteen aan de winterse snert. Maar met dit recept zet je een pan heerlijke zomerse en lichte erwtensoep op tafel. Deze niet alledaagse soep kun je natuurlijk als voorgerecht eten, maar is ook heel erg lekker als lunchgerecht.

Ingrediënten voor 4 personen:
-450 gram diepvries doperwten
-2 uien
-750 ml kippenbouillon
-blaadjes van 6 takjes verse munt
-ca. 10 plakjes pancetta (of bacon of ontbijtspek)
-olijfolie
-peper en zout

Bereiding
- Snijd de uien in stukjes en fruit deze in een beetje olijfolie in een grote pan op middelhoog vuur.
– Hak de munt fijn en voeg ongeveer 2/3 van de blaadjes aan de uien in de pan toe. Breng op smaak met wat peper en zout. Verwarm intussen de kippenbouillon.
– Wanneer de uien glazig zijn voeg je de doperwten toe en bak je deze een minuut mee.
– Daarna voeg je de bouillon toe aan de erwten, uien en munt en laat deze 10 minuten koken, zodat de erwten goed gaar worden.
– Intussen bak je in een droge pan de pancetta krokant. Laat deze uitlekken op een stukje keukenpapier.
– Pureer met een staafmixer de erwten, uien en munt totdat er een gladde groene soep ontstaat. Breng eventueel met nog wat peper en extra munt op smaak.IMG_7559- de soep is klaar! De pancetta verkruimel je boven de kom met soep en voeg de overgebleven blaadjes munt toe in de kom.

Omdat ik zelf overgevoelig ben voor knoflook is dit recept zonder knoflook. Maar met een teentje knoflook erdoor wordt de soep waarschijnlijk nog lekkerder!

Eet smakelijk!

Snelle en langzame koolhydraten, wat is het verschil?

snelle koolhydraten

snelle koolhydraten

Gepubliceerd: 22 mei 2015

Steeds vaker hoor ik, met name vrouwen, heel trots zeggen dat ze nu heel erg gezond zijn gaan eten. Dat is natuurlijk heel fijn om te horen. Maar als dan ik vraag wat ze dan precies zijn gaan eten, hoor ik vooral wat ze ineens niet meer eten.
Brood, pasta en aardappelen komt bij deze steeds grotere groep mensen het boodschappenkarretje niet meer in. Waarom niet? Omdat deze voedingsmiddelen veel koolhydraten bevatten en deze zouden je dik en ongezond maken. Er heerst een soort van koolhydraten-angst in Nederland. Niet alleen in ons land trouwens. Is die angst wel terecht? Zijn koolhydraten echt slecht voor je? Wat doen ze met je lichaam? En zijn deze mensen dan echt gezonder gaan eten?

Wat gebeurt er als koolhydraten je lichaam bereiken? Ze worden omgezet in glucose, dat vervolgens via het bloed in onze cellen terechtkomt. Alle koolhydraten verhogen ons bloedsuikergehalte, maar dat doen ze niet allemaal even snel. Je hebt snelle en langzame koolhydraten. Hoe langzamer je bloedsuiker stijgt, hoe beter. Want als je bloedsuiker snel stijgt en daarna weer snel daalt, krijg je veel pieken en dalen in je suikerspiegel. En dat kun je beter vermijden. Hiervoor moet je lichaam te hard werken om deze pieken en dalen op te vangen, waardoor je je moe gaat voelen. Wanneer je bloedsuikerspiegel vaak te hoog is, is je lichaam uiteindelijk niet meer in staat om dit goed op te vangen, waardoor je suikerziekte type 2 kunt ontwikkelen.

Energiebron

Het is belangrijk dat je koolhydraten niet helemaal van het menu streept. Ons lichaam heeft ze nodig. Ze vormen namelijk de belangrijkste bron van energie. Vooral onze hersenen en spieren kunnen ze goed gebruiken! Daarnaast heb je ze nodig voor het zuurstoftransport naar je weefsels en je hersenen.

Geen dikmakers

Veel vrouwen eten geen brood en pasta meer. Immers, de kilo’s vliegen eraan als je koolhydraten eet? Dit is een fabel! Alleen als je dagelijks méér koolhydraten eet dan je verbruikt, klopt dit. Koolhydraten worden afgebroken tot glucose. Dat dient als brandstof. Als je er dus niet te veel van eet en wel genoeg beweegt, hoeft dat geen invloed te hebben op je gewicht. Het gaat om het vinden van de juiste balans!

Langzame koolhydraten

Langzame koolhydraten, ook wel meervoudige of complexe koolhydraten genoemd, vertragen de opname van glucose en zorgen voor een stabiele bloedsuikerspiegel. Een constante bloedsuikerspiegel geeft een lekker fit gevoel! Voedingsmiddelen met langzame koolhydraten zijn havermout, de meeste groente, fruit, peulvruchten, quinoa en alles van volkorenmeel (volkoren pasta, zilvervliesrijst). Deze voeding bevat vaak ook veel voedingsvezels en dat is nog eens extra gezond. Vezels verminderen de bloedsuikerpieken en geven snel en lang een verzadigd gevoel. Gevolg: minder snacken tussendoor!

Snelle koolhydraten

Het tegenovergestelde van langzame koolhydraten zijn – juist ja – snelle koolhydraten. Misschien ken jij ze als simpele of enkelvoudige koolhydraten. Deze verhogen je bloedsuikergehalte in een flink tempo. Je lichaam reageert daarop door snel insuline aan te maken, waardoor de bloedsuikerspiegel weer daalt. Ofwel, er ontstaat een jojo-effect. Voedingsmiddelen met snelle koolhydraten zijn bijvoorbeeld suiker, koekjes, snoep, chocola, gebak, aardappelen, maïs, witte rijst en witte pasta en alles van witmeel (denk aan witbrood, pizza’s, pannenkoeken etc.)
De meeste mensen eten te veel van dit soort koolhydraten.

Glycemische index

Een handige truc om erachter te komen of iets snelle of langzame koolhydraten bevat, is door te kijken naar de glycemische index. Een hoge index betekent dat er veel snelle koolhydraten in zitten. Een lage index duidt op veel langzame koolhydraten. Maar let op…de glycemische index van een voedingsmiddel kan verschillen per moment. Factoren zoals de rijpheid van een vrucht, hoe klein het is gesneden en de temperatuur van de voeding spelen allemaal een rol.

Balans

Let er dus op bij het vullen van je winkelwagentje dat je snelle koolhydraten liever vermijdt. Maar voedingsmiddelen met langzame koolhydraten? Die mogen wel een mooi plekje krijgen. Zorg voor een goede balans en variatie. Beweeg volop en eet niet meer koolhydraten dan je verbruikt.

Eet je dus gezonder gezonder zonder koolhydraten?

Hoe zit het dus met dat brood, die pasta en die aardappelen? Is het gezonder om deze te laten staan? NEE. Maar in plaats van witbrood kies je het beste voor volkoren brood, of eventueel bruin brood (lees hier meer informatie over brood) en in plaats van witte pasta kies je voor volkoren pasta’s.
En aardappelen? Ja het zijn snelle koolhydraten, maar toch bevatten ze ook heel veel goede voedingsstoffen. Eet deze gewoon met mate! Een maaltijd zou bijvoorbeeld kunnen bestaan uit ongeveer een kwart aardappelen en ongeveer een kwart uit vlees/vis en minstens de helft aan groenten.

Heb je een allergie, intolerantie of chronische aandoening, dan kan het soms wél goed zijn om op te passen met koolhydraten of ze (bijna) helemaal uit je voedingspatroon te halen. Het is altijd verstandig om dan te overleggen met een voedingsdeskundige.

Gezond de Avond4daagse door

pick-and-mix-171342_1280Gepubliceerd: 19 mei 2015

Gisteren is de Avond4daagse begonnen. Jammer dat het weer niet een beetje beter is, maar regen of geen regen in het hele land lopen kinderen 4 dagen lang de 5, 10 of 15 kilometer.
De vierdaagse draait om lekker buiten bewegen. Jammer genoeg constateren we de laatste jaren, dat het in plaats van een gezellig sportief gebeuren een enorm snoepfestijn is geworden. Sommige kinderen krijgen hele zakken snoep, grote koeken of ijsjes mee voor onderweg of als beloning bij de finish. En dat is nou zo ontzettend zonde.

Kinderen eten meer dan dat ze verbruiken
De kinderen van tegenwoordig krijgen vaak te weinig beweging, doordat ze teveel televisie kijken, op de I-Pad spelen of achter de computer zitten. Maar ook, omdat ze vaak overal met de auto naar toe worden gebracht in plaats van lekker op de fiets of lopend. Wanneer ze dan tijdens zo’n event als de Avond4daagse wel lekker in beweging zijn, is het niet zo’n goed idee om de verbruikte energie direct teniet te doen met grote hoeveelheden snoep, koek en ijs. Ze eten dan al snel veel meer dan dat ze verbruikt hebben tijdens de wandeling.

De Avond4daagse op zich is al leuk genoeg
En op deze manier leren de kinderen dat snoepgoed, koekjes en ijsjes erbij horen, anders is het lopen immers niet leuk? Jammer, want als ouder kun je jouw kinderen namelijk leren dat zo’n event op zich al een hele leuke gebeurtenis is. Hoe gezellig is het om met een hele grote groep vriendjes en vriendinnetjes ‘s avonds al zingend een mooie tocht te mogen lopen en een beetje later naar bed te gaan dan normaal? En hoe spannend is het, niet te weten wat voor leuk cadeautje je bij de finish krijgt?

5 tips voor een gezonde en leuke Avond4daagse

Bij een gezonde activiteit past gezonde voeding. Hieronder geven wij je 5 tips voor wat je jouw kind het beste kan geven, zodat hij of zij lekker kan lopen en wat je het beste kan geven als beloning bij de finish.

1. Zorg dat de maag van tevoren goed gevuld is
Vaak is de start al om 18.00 uur, dus begin tijdig aan de bereiding van het avondeten. Deze maaltijden staan binnen een kwartier op tafel. Bekijk ook de vliegensvlugge vegetarische gerechten.

2. Geef gewoon groente en fruit mee
Deze gezonde ‘snacks’ zijn een goed alternatief voor snoep. Roy van der Ploeg, woordvoerder van het Voedingscentrum, kijkt terug op zijn eigen vierdaagse-ervaringen begin jaren 80. “Ik liep de Avond4daagse met schijfjes komkommer. Ouders gaven van alles mee voor onderweg: mandarijnpartjes, worteltjes, stukjes appel, druiven. Dat kregen toen bijna alle kinderen mee.”

3. Geef eventueel een boterham of krentenbol mee
Voor de échte’ trek kun je een belegde boterham of krentenbol meegeven. Dat is beter dan een energiereep of een pakje koekjes, omdat daar relatief veel calorieën en vaak weinig goede voedingsstoffen inzitten. Al is het niet per se nodig om tijdens het wandelen te eten.

4. Les de dorst met fris water
Geef voor dorst tijdens het wandelen voldoende water mee. Een halveliterflesje water is een goede optie.

5. Beloon je kind met een leuk cadeautje
Na afloop wil je kinderen natuurlijk iets geven voor deze grote prestatie. Geef ze geen snoep, maar een klein cadeau, passend bij de leeftijd. Bijvoorbeeld een leuke sleutelhanger, stikkervelletje of haarspeldjes die je aan een vrolijk lint of keycord kunt bevestigen. Of een nieuw magazine of een bioscoopbon.

Bron: recepten Voedingscentrum

‘Kraanwater in horeca en op festivals’

glazen water 5393314_s gratisHelaas de mei-vakantie is weer voorbij. Wij hebben ervan genoten, hopelijk jij ook. Wij hebben een weekje in Spanje doorgebracht, heerlijk in de zon. Graag hadden we wat langer willen blijven, maar helaas komt aan al het goede ook een einde. Wat wel een voordeel is van weer thuis zijn, is dat ik hier gewoon weer water uit de kraan kan drinken. In Spanje kan het ook hoor, maar het is daar minder lekker. Het smaakt daar een beetje naar chloor. Dus bestelde ik daar altijd een fles water bij het eten, terwijl je in Nederland gewoon om een glas kraanwater kan vragen in de horeca. Echter…dit kan helaas niet overal. Niet alle horeca is hier even blij mee, zij willen liever flesjes water verkopen! En dat is eigenlijk een beetje raar. Want het Nederlandse kraanwater is duurzaam en gezond. Het zou daarom altijd beschikbaar moeten zijn. Een aantal drinkwaterbedrijven en maatschappelijke organisaties is nu een landelijke petitie gestart en het Voedingscentrum onderschrijft deze actie. De inzet: kraanwater moet verkrijgbaar zijn in horeca en op festivals. Dat hoeft niet gratis, de organisaties en bedrijven kunnen zelf beslissen of ze er iets voor in rekening brengen.
Wil jij ook dat er kraanwater in horeca en op festivals beschikbaar is? Teken de petitie dan ook.

Kraanwater serveren wordt regelmatig geweigerd

Uit onderzoek blijkt dat meer dan de helft van de Nederlanders 1 of meerdere keren geen kraanwater kreeg in de horeca, terwijl ze er wel om vroegen. Daarnaast zeggen 6 van de 10 festivalbezoekers dat het moeilijk of zelfs onmogelijk is om op een festival aan kraanwater te komen.

Waarom is water zo belangrijk?

Aangeraden wordt om elke dag minimaal anderhalf tot 2 liter vocht te drinken. Je hebt het nodig voor de opname en het transport van voedingsstoffen in je lichaam. Het meeste vocht krijgen we binnen via drinken. Omdat het geen calorieën bevat, heeft water de voorkeur.

Kraanwater is beter voor het milieu

Dagelijks zorgen waterbedrijven voor 3 miljard liter zuiver, streng gecontroleerd en dus betrouwbaar drinkwater. Voor ons kraanwater worden zelfs strakkere normen gehanteerd dan voor bron- en mineraalwater.

water gezond

Kraanwater is 30 tot 1.300 maal beter voor het milieu dan flessenwater en alle andere dranken uit de fles. Dat komt vooral doordat voor kraanwater helemaal geen verpakking nodig is.

De vervuiling in verpakte dranken zit vooral in het soort verpakkingsmateriaal. Het schoonmaken, transporteren, produceren en afdanken van de flessen kost veel energie. Vooral de wegwerp PET-fles, waarin water en andere frisdranken in worden verkocht, is een belasting voor het milieu.

Goedkope optie

Het Nederlandse kraanwater behoort tot de beste ter wereld. Daarmee kunnen we een hoop geld besparen. Voor 1 euro kun je namelijk thuis het hele jaar water drinken, uitgaande van 1,5 liter per persoon per dag. Flessenwater is 150 tot 500 keer zo duur.

Over het onderzoek en de petitie

Het onderzoek is uitgevoerd door TNS Nipo in opdracht van Vitens. Met de petitie ‘Overal Kraanwater Graag’ willen de drinkwaterbedrijven iedereen bewust maken van de waarde van ons kraanwater. Ook tekenen? Kijk op overalkraanwatergraag.nl

Hoe lang en hoe veel moet je bewegen na een snack?

hardlopen 2 vrouwen 10974116_s gratisHoe fijn is het om lekker op de bank te ploffen met een reep chocola, een zak chips of nootjes of alle drie tegelijk? Dat doen we vast allemaal wel eens en dat mag ook. Maar het is wel goed te beseffen dat deze snacks juist de boosdoeners zijn van dik worden. Ze bevatten namelijk zo ontzettend veel calorieën, dat je hiermee over de hoeveelheid calorieën die je nodig hebt en daadwerkelijk verbrandt heen komt. En deze calorieën, die je dan dus niet meer verbrandt, worden in je lichaam omgezet en opgeslagen als vet.

Hier volgt een overzicht van hoe lang en hoeveel je moet bewegen om een dergelijke snack te verbranden.

1. Reep chocolade (75 gr) – 421 kcal
Chocolade…wie houdt er nou niet van? Soms of eigenlijk bijna altijd kunnen we de verleiding niet weerstaan en blijft het niet bij één stukje. Voor je het weet heb je de hele reep op. Doe je hardloopschoenen dan maar aan, want om een reep chocolade eraf te trainen zal je 60 minuten moeten hardlopen met een snelheid van zo’n 6,5 kilometer per uur.

2. Zakje chips – 220 kcal

Chips is bijna verslavend. Neem je een paar stukjes dan kun je echt bijna niet meer stoppen en voor je het weet is de hele zak leeg. Een klein zakje is al 220 kcal – terwijl de meeste mensen eigenlijk altijd zo’n grote zak leeg eten. Daarom kun je de chips uit voorzorg beter in een bakje doen. Want het verbranden van één klein zakje, kost je al een uur fietsen. En dan moet je ook nog eens flink doortrappen!

3. Handje gemengde noten – 170 kcal

Noten bevatten veel gezonde stoffen – dat klopt. Maar één hand noten bevat ook veel calorieën. Om deze calorieën te verbranden moet je 18 minuten lang de ‘wissel’ maken. Dat betekent dat je zo snel mogelijk met je voet op een balk tikt en daarbij je linker- en rechtervoet steeds afwisselt.

4. Een hand popcorn – 40 kcal

Een avondje naar de bioscoop gaat meestal gepaard met popcorn. Een handje popcorn is nog niet zo erg, maar tijdens de film verdwijnt er vaak veel meer dan een handje van dit lekkers in je buik. En om al deze popcorn eraf te trainen zou je 15 minuten lang buikspieroefeningen moeten doen.

5. Een kroket – 244 kcal

Friet, kroket, frikandel.. ze zijn lekker en goed voor een uur lang de (moes)tuin op te ruimen of met je handen in de aarde te wroeten.

6. Een biscuitje – 25 kcal

Een simpel, ouderwets biscuitje dat je vroeger misschien wel kreeg als je ziek was. Weinig calorieën, maar hoe lang moet je daarvoor squatten? Na tien minuten zijn deze kilocalorieën weer verbrand.

7. Een rijstwafel – 30 kcal

Ga eens lekker touwtje springen. Twee minuten is al genoeg om een rijstwafel eraf te trainen. Maar waarschijnlijk vind je het zo leuk, dat je het wel langer volhoudt.

8. Een bakje met wortel en paprika – 50 kcal

Groente als snack komt gelukkig steeds vaker voorbij. Alleen dat sausje waarin je ze dipt zorgt ervoor dat je 15 minuten aan stretchoefeningen moet geloven. Het kan erger, toch?

Voortbewegen

Statische oefeningen leveren niet veel in energieverbruik op. Je zult jezelf echt moeten voortbewegen om wat hoger in de calorieverbranding te komen: zoals wandelen, fietsen, traplopen, joggen.

Mindfull eten

Over snacken hoef je je niet schuldig te voelen: iedereen doet het en het kan geen kwaad. Als je het maar met mate doet. En: probeer er wel van te genieten en niet ondertussen auto te rijden of te computeren. Vier tips om met aandacht te eten:

Neem een pauze voordat je gaat eten en eet bewust zonder afleiding. Dus niet multitasken, terwijl je op een chipje kauwt. Eet langzaam en pauzeer af en toe.

Bron: Trophé, GezondNu

Mag je na 20.00 uur niets meer eten?

klok time-297498_1280Zelf eet ik altijd nog even iets voordat ik ga slapen, anders kan ik echt niet slapen en lig ik uren wakker om dan alsnog naar beneden te gaan om iets te eten. Vaak reageren mensen hier verbaasd op, omdat ze denken dat je na 20.00 uur niets meer mag eten, omdat je dit niet meer zou verbranden. Je lichaam zou dan in de spaarstand staan, waardoor je geen voedsel meer verbrandt en dit omgezet wordt in vet. En hier wordt je dus dik van. Maar is dat wel zo? Mag je na 20.00 uur niets meer eten?

Het antwoord is: NEE. Het maakt niet uit op welk moment van de dag je calorieën binnenkrijgt. Ook na 20.00 uur ’s avonds gaat je lichaam door met energie verbranden. Als er enige waarheid in dit verhaal zou schuilen dan zouden mensen in mediterrane landen kilo’s zwaarder zijn, omdat ze hier elke dag pas na 20.00 uur aan tafel gaan. Je wordt pas dik als je meer calorieën op een dag binnenkrijgt dan dat je nodig hebt. En hoe minder je beweegt, hoe minder je nodig hebt. Daarbij gaat het er niet om dat je na 20.00 uur eet, maar wát je eet!

Het gevaar van laat eten

Laat eten brengt het gevaar met zich mee dat je de tijd tussen de lunch en het avondeten gaat opvullen met calorierijke snacks. Het is heel verleidelijk om een handje chips of nootjes te nemen om de trek te stillen. Deze ‘hongerstillers’ zijn nu net die extra calorieën die aanzetten. En bij het avondeten eet je waarschijnlijk geen hap minder, omdat je dan alweer trek hebt omdat deze snacks slechts een moment vuller zijn. Het is daarom veel verstandiger om je trek te stillen met een paar tomaatjes of een stukje komkommer.

Snacks na 20.00 uur

Als je op een normaal tijdstip heb gegeten kan ook de trek na 20.00 uur toeslaan en hier is niks mis mee. Maar vaak wordt er dan naar een zak chips of andere ongezonde snacks gegrepen die ervoor kunnen zorgen dat je aankomt. Deze snacks gaan in sommige gevallen nog samen met een alcoholische drankje, dat veel, maar slechts lege, calorieën bevat. Je wordt dus niet per definitie dik van het eten na 20.00 uur, maar van wát je eet na 20.00 uur.

Toch is het niet verkeerd om te proberen om in de avond nog zo min mogelijk te eten. Ten eerste heb je een goede warme maaltijd op dus je lichaam heeft geen behoefte aan eten. Daarnaast heb je om te slapen geen energie nodig en kan alles wat je eet in de avond er juist voor zorgen dat je minder goed slaapt. Een lichaam wat bezig is met vertering is namelijk niet bezig met diepe slaap. Daarnaast verbrand je ‘s nachts veel vet en op het moment dat je in de avond nog wat eet wordt dat verbruikt en niet je opgeslagen vetmassa.

Wat kun je het beste eten na 20.00 uur?

Krijg je ‘s avonds trek, dan kun je gerust wat eten. Kies bijvoorbeeld voor wat fruit of snackgroente of smeer een boterham met licht beleg of neem een schaaltje magere zuivel. Als je weet dat je ‘s avonds graag nog iets eet zorg er dan voor dat je gezonde tussendoortjes in huis hebt, zodat je niet in de verleiding wordt gebracht om naar ongezonde dingen te grijpen, zoals chocolade, chips, koek en toastjes.

Hoeveel calorieën mag ik binnenkrijgen?

Een vrouw heeft per dag gemiddeld 2.000 kilocalorieën nodig. Voor een man is dat gemiddeld 2.500 kilocalorieën per dag. Eten en drinken geeft je de energie die je lichaam nodig heeft om te kunnen functioneren en te bewegen. Je blijft op gewicht als er balans is tussen de hoeveelheid energie uit je eten en drinken en de hoeveelheid energie die je lichaam verbruikt.

koffie werkt vochtafdrijvend: onzin!

koffie 19201081_s, gratis“Oh mag je dan ook koffie drinken om aan voldoende vocht te komen?”, vroeg laatst iemand blij verrast aan me. Zij dacht altijd dat ze te weinig dronk, maar met de koffie die ze op een dag dronk meegerekend bleek dat reuze mee te vallen. “Maar koffie is toch juist vocht afdrijvend?”, vroeg ze nog.
Dat is dus een fabeltje. Een groot misverstand dat nog elk jaar wel ergens in een bericht in de media opduikt en een bewering die nog op vele websites gedaan wordt.
Jammer, want hierdoor zijn er mensen die hun geliefde kopje koffie laten staan en dit niet vervangen door ander vocht, en juist daardoor hun vochtbalans niet op peil houden. Tot deze groep behoren voornamelijk ouderen, die extra vocht nodig hebben, zeker als het warm is. Ze zitten vaak in droge, warme ruimtes, waardoor hun vochtverlies sowieso wat groter is dan bij de meeste jongeren. Daarbij komt dat hun dorstgevoel wat minder ontwikkeld is. Laten ze dan ook nog hun kopje koffie staan, dan krijgen ze nog minder vocht binnen.

Waar komt deze misvatting vandaan?

Het idee dat koffie kan leiden tot uitdroging komt waarschijnlijk voort uit een oude studie uit 1928, waarin de effecten van cafeïne in tabletvorm als vocht afdrijvend middel zijn onderzocht. Maar cafeïne in tabletvorm is niet te vergelijken met koffie als het gaat om de vochtbalans. Sindsdien zijn er geen studies gedaan die de opvatting over vochtafdrijving van koffie hebben ontkracht.
Er zijn wel meerdere studies gedaan naar de effecten van cafeïne alleen, bijvoorbeeld als toevoeging aan sportdranken voor atleten. Twee studies naar koffie leverden tegenstrijdige resultaten op.

Brits onderzoek wijst uit dat koffie bijdraagt aan de vochtbalans
Dat koffie net als water bijdraagt aan de vochtbalans is nog maar kort geleden grondig onderzocht bij 50 Britse mannen tussen 18 en 46 jaar oud. Hierin werden de effecten van koffie en water op de vochtbalans vergeleken. Daarbij is gekeken naar een aantal indicatoren voor de vochtbalans, zoals de hoeveelheid lichaamsvocht en stoffen in het bloed en de urine, waaronder de natrium-, kalium- en creatinegehalten. Hieruit kwam naar voren dat het drinken van matige hoeveelheden koffie door mensen de regelmatig koffie drinken niet leidt tot uitdroging, maar juist bijdraagt aan de dagelijkse vochtbehoefte. In de studie ging het om 4 mokken koffie van 200 milliliter, totaal dus 800 milliliter. Vrouwen deden niet mee in het onderzoek, omdat bij hen ook vochtverlies door de menstruele cyclus kan optreden.

Aanbevolen hoeveelheid vocht en koffie

Het advies voor volwassenen is om per dag 1,5 tot 2 liter te drinken. Dit hoeft niet alleen maar water te zijn. Alle dranken tellen mee. Maar het is aan te raden dranken te kiezen zonder toegevoegde suikers of alcohol. Water en koffie en thee zonder suiker of melk hebben de voorkeur.

Koffie bevat cafeïne
Cafeïne kan positieve, maar ook negatieve effecten hebben. Daarom kan je hier niet onbeperkt van drinken. Gezonde volwassenen kunnen ongeveer 400 milligram cafeïne per dag innemen zonder dat er negatieve effecten te verwachten zijn. Dat komt neer op ongeveer 4 kopjes koffie per dag. Dit advies is niet bedoeld voor mensen die gevoelig zijn voor cafeïne. Personen die lijden aan angstgevoelens kunnen bijvoorbeeld beter minder drinken.

Zwangere vrouwen en vrouwen die borstvoeding geven kunnen beter geen of niet meer dan 1 kopje koffie of ander cafeïnerijk drankje per dag nemen. Kinderen onder de 13 jaar kunnen beter geen koffie of ander cafeïnerijke drankjes drinken. Jongeren tussen 13 en 18 wordt aangeraden niet meer dan 1 kopje koffie of ander cafeïnerijk drankje per dag te nemen.

Bron: VoedingNu: Hans Kraak

Piepende asperges?

asperges, 28468779_s, gratisHet aspergeseizoen is al een paar weken aan de gang, in Nederland loopt dit van april tot juni. Dan komen ze van de ‘koude grond’. Er zijn in maart ook al asperges verkrijgbaar maar dan wordt de grond (de bedden) kunstmatig verwarmd of ze groeien dan in plastic tunnels. Asperges zijn niet alleen maar lekker, maar ook gezond. Piepende asperges? Ooit van gehoord? Lees hier wat dat betekent.

Het Vitamine Informatie Bureau zette samen met het Nederlands Asperge Centrum 10 feiten over asperges op een rij:

Asperges zijn goed voor het hele lichaam
Asperges bevatten veel vitamines en mineralen. Daarmee zorgen ze voor het hele lichaam, van celdeling tot het immuunsysteem, van bloedstolling tot huid, haar en botten.

Asperges zijn vooral rijk aan vitamine E
In vergelijking met andere groenten zijn asperges rijk aan vitamine E, een vet oplosbare vitamine, die helpt bij de aanmaak van rode bloedcellen, het in stand houden van spier- en andere weefsels en de weerstand. Vitamine E is een antioxidant. Asperges bevatten nog meer antioxidanten: zogenaamde flavonoïden, die ontstekingsreacties remmen.

B-vitamines zitten vooral in de kopjes van de asperges
Asperges bulken van de vitamines uit de B-groep. Deze zitten vooral in de kopjes van de asperges.

Asperges leveren veel mineralen
Asperges bevatten kalium, calcium, magnesium, ijzer en een beetje koper, mangaan, zink en fluor. Afhankelijk van het gehalte in de grond bevatten asperges ook selenium.

Asperges passen goed in een zoutarm dieet
Dit omdat asperges zonder verdere toevoegingen een duidelijke eigen smaak hebben en het niet nodig is om zout toe te voegen. Wees dan wel spaarzaam met ham.

Asperges zijn goed voor de nieren
Asperges zijn vocht afdrijvend en daarmee goed voor de nieren. Asperges kunnen je urine wel een sterke geur geven. Bepaalde stoffen (asparaginezuur) worden in het lichaam namelijk omgezet in vluchtige zwavelhoudende verbindingen, maar niet iedereen heeft hier last van.

Asperges zijn caloriearm
Asperges bevatten zeer weinig calorieën (20 kcal per 100 g). Je moet bijna een halve kilo asperges eten om evenveel calorieën binnen te krijgen als in een reep chocola van 75 gram. Tenminste, als je ze niet klaar maakt met roomboter.

Witte, groene en paarse asperges verschillen qua vitamines
Witte asperges zijn de jonge scheuten van de aspergeplant, het deel dat onder de grond groeit. Groene en paarse asperges groeien boven de grond. Groene asperges bevatten over het algemeen de meeste vitamines. Paarse asperges bevatten iets meer vitamine C en provitamine A.

Piepende asperges
Wrijf 2 stengels tegen elkaar. Als ze een tsjirpend of piepend geluid maken, zijn ze vers. Hoe minder het piept, hoe minder vers ze zijn. Het topje moet stevig aanvoelen, de onderkant mag niet ingedroogd of houterig zijn en niet meegeven als je erin knijpt.

Mannelijke asperges zijn populairder dan vrouwelijke
Mannelijke aspergeplanten zorgen voor een opbrengst die wel 40% hoger is dan die van de vrouwelijke. Daarom gebruiken kwekers bijna uitsluitend mannelijke planten voor hun teelt. De langste asperge ooit gestoken was 3,11 meter lang.

Waar koop je asperges?

In de lentemaanden kun je asperges vers bij een boer kopen, maar in de supermarkt kan ook. Wel geldt: hoe verser, hoe meer smaak en meer vitamines de asperges bevatten. Bij de boer kun je ernaar vragen, maar in de supermarkt weet je meestal niet hoe vers ze zijn. Dan kun je het trucje toepassen dat hierboven staat omschreven: wrijf de asperges voorzichtig over elkaar: als je gepiep hoort, dan zijn ze vers. Als ze verpakt zijn in een bakje kun je dat natuurlijk niet doen maar op het etiket kun je wel zien hoe lang ze nog houdbaar zijn.

Houd er bij het kopen wel rekening mee dat je ze (meestal) nog moet schillen. Ongeschild heb je zo’n 250 tot 300 gram nodig per persoon.

Koken

Eenmaal in de keuken, zijn er een paar dingen die je moet weten. Snijd altijd de harde onderkanten van de asperges af en schil ze met een dunschiller of aardappelschilmesje. Vervolgens kook je ze 8 minuten in een klein laagje water. Door met weinig water te koken en niet te lang, blijven de vitamines en de smaak het beste behouden. Doe ook altijd het deksel op de pan: het water kookt dan sneller, dat is energiezuiniger.

Wat je doet met de asperges als ze gekookt zijn is helemaal aan jou. Au naturel bij aardappels en een stukje vlees, verwerkt in een ovenschotel, met zalm en een eitje, in een soep: de mogelijkheden zijn enorm.

Bewaren

Asperges bewaar je altijd in de koelkast. Als je ze goed verpakt in een vochtige theedoek kun je ze zo’n 7 dagen bewaren. Invriezen kan ook, maar dan moet je ze van tevoren wel even blancheren (kort koken).

Bron: Nederlands Asperge Centrum